Deze vrucht rijpt aan de plant, laag bij de grond. Na de oogst wordt hij niet zoeter, dus je kiest in de winkel meteen de smaak die je thuis krijgt. Geen enkele test is waterdicht, dus combineer er minstens twee of drie.
De gele ligplek is de controle waar bijna elke bron mee begint. Elke meloen heeft een plek waar hij op de grond lag. Is die plek botergeel tot donkergeel of zelfs oranje, dan heeft hij lang genoeg aan de plant gelegen. Is de plek wit of bleek, dan is hij waarschijnlijk te vroeg geoogst.
Het gewicht zegt ook veel. Een rijpe meloen zit vol vocht en voelt zwaar voor zijn formaat. Til twee of drie watermeloenen van dezelfde grootte op en kies de zwaarste.
Dan de klank. Tik met je knokkel op de schil. Klinkt de watermeloen hol en diep, dan zit je goed. Klinkt hij dof en vol, leg hem dan terug. Het duurt even voor je het verschil hoort, maar na vier of vijf tikken op verschillende exemplaren lukt dat bijna altijd.
Zit er nog een steel aan, kijk dan hoe die eruitziet. Een bruine, verschrompelde steel wijst op een watermeloen die rijp is geoogst. Een groene steel of scheurtjes op de plek waar hij is afgerukt wijzen op te vroeg plukken. Zit er geen steel meer aan, dan laat je deze controle vallen.
Let tot slot op de schil zelf. Die moet stevig aanvoelen en heel zijn. Deuken, bruine vlekken en zachte plekken laat je liggen.
Over het kiezen gaan veel adviezen rond. Sommige spreken elkaar tegen en andere zijn vooral populair omdat ze makkelijk te onthouden zijn.
| Bewering | Klopt het? | Uitleg |
| De strepen moeten twee vingers breed zijn | Onbewezen | Het streeppatroon hangt af van het ras. Een soort als Sugar Baby heeft een effen donkergroene schil en Crimson Sweet juist duidelijke strepen. |
| Een ronde meloen is zoeter dan een ovale | Onbewezen | Een gelijkmatige vorm zonder deuken of vlakke zijden zegt meer dan de vraag of hij rond of ovaal is. |
| Een glanzende schil is rijp | Bronnen spreken elkaar tegen | De ene bron noemt glans een goed teken, de andere juist een teken van onrijp. Neem het hooguit mee als bijzaak. |
| Watermeloen rijpt na op de fruitschaal | Grotendeels niet | De zoetheid neemt na de oogst niet meer toe. Hij kan thuis wel zachter en melig worden. |
| Een rijpe watermeloen is altijd zoet | Niet altijd | De tests meten rijpheid en niet zoetheid. Ook rijpe watermeloenen verschillen in zoetheid. |
Neem deze vijf stappen mee naar de winkel:
Als minstens drie van de controles die je kunt doen kloppen, mag de watermeloen mee. Dat is een vuistregel.
Een hele watermeloen bewaar je op een koele plek buiten de koelkast, bij ongeveer 10 tot 15 graden. Wil je hem koud eten, leg hem dan een paar uur voor het serveren in de koelkast. Aangesneden moet hij wel koud en afgesloten liggen, anders droogt hij uit en neemt hij geuren op.
| Vorm | Waar | Hoe lang |
| Hele watermeloen | Koele plek, buiten de koelkast | Een paar dagen tot ruim een week, afhankelijk van hoe rijp hij was bij aankoop |
| Aangesneden stukken | Afgesloten in een bakje of in huishoudfolie, in de koelkast | Maximaal 3 dagen |
| Ingevroren blokjes | Vriezer, in een afgesloten bakje of zakje | Tot ongeveer 6 maanden |
Invriezen kan, maar de structuur verandert. Ontdooid is hij zachter, dus je gebruikt hem het best voor smoothies en sorbet. Verwijder de schil en de pitten, snijd het vruchtvlees in blokjes en leg die los van elkaar op een bakplaat in de vriezer. Pas als ze hard zijn ga je ze in een bakje of zakje doen, zodat ze niet aan elkaar vastvriezen. Een kort ingevroren blokje in een glas koud bruiswater is trouwens een prima alternatief voor ijsblokjes.
Een bedorven watermeloen laat het meestal duidelijk merken. Bij een hele meloen let je op zachte plekken, een muffe geur of lekkend vocht. Gesneden wordt hij slijmerig, verkleurt of gaat zuur ruiken. Dan gooi je hem weg.
Was de meloen eerst goed, want het mes trekt de buitenkant mee door het vruchtvlees. Leg hem op een grote snijplank en snijd hem van steel naar onderkant doormidden. Leg een helft met het snijvlak naar beneden en snijd hem nog een keer door. Snijd de stukken daarna dwars in plakken van ongeveer een centimeter. Wil je blokjes, dan snijd je die plakken in de lengte en breedte door en haal je de schil er aan het eind af.
Snijd alleen wat je nodig hebt en bewaar de rest heel of in grote stukken. Zelf watermeloen snijden is vaak goedkoper en verser dan de blokjes uit het koelvak. Bovendien blijft een grote, aangesneden partij langer goed dan losse blokjes.
Een watermeloen bestaat voor ongeveer 90 procent uit water, dus hij lest je dorst en bevat weinig calorieën. Per 100 gram zit er ongeveer 37 kcal in, met circa 7,8 gram koolhydraten, 0,6 gram eiwit en 0,2 gram vet. Volgens het Voedingscentrum levert een schijf van 300 gram 108 kcal, 24 gram suikers en 1,8 gram vezels. Zo'n schijf is dus een flinke portie en de suikers tellen mee.
Watermeloen bevat kalium, vitamine C en lycopeen, de stof die het vruchtvlees zijn rode kleur geeft. Ook zit er citrulline in, een aminozuur dat het lichaam omzet in arginine. Citrulline wordt in kleine studies met een lichte bloeddrukdaling in verband gebracht, maar die studies gebruikten vooral supplementen. Of een gewone portie hetzelfde doet, is nog onvoldoende onderzocht.
Voor je bloedsuiker geeft één getal geen volledig beeld. Watermeloen heeft een relatief hoge glycemische index, ongeveer 72, maar een lage glycemische lading van ongeveer 4 per portie van 150 gram. De lading houdt rekening met de hoeveelheid koolhydraten in een portie en zegt daarom meer over het effect op je bloedsuiker. Heb je diabetes, bespreek dan met je huisarts of diëtist hoeveel er bij jou past, want reacties verschillen per persoon.
Een aparte limiet voor watermeloen is er niet. Houd de gewone richtlijn van ongeveer 200 gram fruit per dag aan en wissel af, zodat je uiteenlopende voedingsstoffen binnenkrijgt.
Een watermeloen is familie van de komkommer en de pompoen en botanisch gezien een vruchtgroente. We zien hem toch als fruit vanwege de fruitsuikers. Het vruchtvlees is meestal rood, maar er bestaan ook roze, gele en oranje soorten. Het formaat loopt uiteen van klein tot enkele tientallen kilo's, afhankelijk van het ras.
De pitjes zijn eetbaar. Je kunt ze roosteren en door een salade of over yoghurt strooien. Wil je ze liever niet, dan zijn er pitloze soorten te koop. De schil eet je beter niet, omdat er bacteriën op kunnen zitten. Was hem daarom altijd, ook als je hem niet opeet.
Kijk je in de winkel naar de schil, dan kom je meestal een gestreepte soort tegen zoals Crimson Sweet of een effen donkergroene soort zoals Sugar Baby. Beide kunnen even goed smaken. Het ras bepaalt het uiterlijk, de rijpheid bepaal je met de checklist hierboven.
Watermeloen is lekker als snack, maar past ook in hartige en zoete gerechten. Enkele ideeën:
Deze vrucht combineert goed met zout en zuur. Feta, limoen en munt zijn daarom een veilige keuze en wie iets stouters zoekt, probeert een schaaltje met watermeloen en een beetje chili.
Is watermeloen fruit of groente?
Botanisch gezien is hij een vruchtgroente, familie van de komkommer en de pompoen. In de keuken en in overzichten geldt hij als fruit, omdat hij veel fruitsuikers bevat.
Hoe lang blijft een watermeloen goed?
Een hele meloen blijft op een koele plek een paar dagen tot ruim een week goed. Aangesneden hou je hem maximaal 3 dagen in de koelkast. In de vriezer kan hij tot ongeveer 6 maanden.
Kun je watermeloen invriezen?
Ja. Snijd hem in blokjes, verwijder de pitten en vries de stukken los in. Na het ontdooien is hij zachter, dus gebruik hem in smoothies of sorbet.
Hoeveel watermeloen mag je per dag eten?
Er is geen aparte limiet. Een schijf van 300 gram bevat ongeveer 24 gram suikers, dus houd rekening met de rest van je fruit. Bij diabetes overleg je over de portie met je huisarts of diëtist.
Hoe weet ik of een watermeloen bedorven is?
Zachte plekken, een muffe of zure geur, lekkend vocht en een slijmerige of verkleurde binnenkant zijn signalen. Twijfel je, gooi hem dan weg.
Rijpt watermeloen na?
Grotendeels niet. Hij rijpt aan de plant en wordt na de oogst niet meer zoeter. Op de fruitschaal kan hij zachter en melig worden, dus koop hem rijp.
De zure pit van passievrucht past goed bij de zoete watermeloen. Deze sorbet maak je met vier ingrediënten en een keukenmachine.
Voorbereiding: 15 minuten, plus minimaal 6 uur invriezen. Voor 4 personen.
Ingrediënten
Bereiding