Labneh zit qua textuur ergens tussen yoghurt en roomkaas in. Het wordt gemaakt van volle yoghurt, vaak van koe of geit, die je zout en vervolgens laat uitlekken. Hoe langer je labneh laat uitlekken, hoe dikker het resultaat. Na een paar uur heb je iets dat nog op een dikke yoghurt lijkt, na een nacht in de koelkast krijg je iets dat je bijna kunt kneden. Sommige mensen rollen labneh zelfs tot balletjes en bewaren die in olijfolie, zodat je ze zo van een potje kunt pakken.
Voor een labneh recept heb je eigenlijk maar twee ingrediënten nodig, yoghurt en zout. Meng een snufje zout door volle yoghurt en schep het mengsel in een schone kaasdoek of dunne theedoek. Bind de doek dicht en hang het boven een kom, of leg het in een zeef met een kom eronder. Laat het geheel minstens acht uur, maar liefst een nacht, in de koelkast uitlekken. Hoe langer het staat, hoe dikker de labneh wordt. Het vocht dat eruit loopt kun je weggooien, al gebruiken sommigen het ook in soepen of als basis voor brood.
Labneh wordt meestal geserveerd op een bordje, met een flinke scheut olijfolie erover en een snufje sumak voor wat zuur en kleur. Vaak ligt er ook wat munt of za’atar bij, en brood om het geheel mee op te scheppen. Labneh past ook goed als basis voor een mezze tafel, samen met olijven, komkommer en tomaat. Wie het iets zoeter wil, kan labneh combineren met honing en granaatappelpitjes, wat een mooi contrast geeft tussen zuur en zoet.
Labneh is meer dan alleen een ontbijt of borrelhapje. Je kunt het gebruiken als vervanger van roomkaas op een cracker, of als basis voor een dip door er knoflook en citroensap doorheen te roeren. Ook in gebak wordt labneh weleens gebruikt, bijvoorbeeld in plaats van kwark in een taartvulling. Wie graag met kruiden werkt, kan labneh op smaak brengen met verse dille, peterselie of gedroogde chilivlokken, afhankelijk van waar het bij geserveerd wordt.
Labneh blijft goed in een afgesloten bakje in de koelkast, meestal zo’n week. Wil je labneh langer bewaren, dan kun je het rollen tot balletjes en onderdompelen in olijfolie in een steriel potje. Zo blijft het weken goed en kun je steeds een balletje pakken wanneer je het nodig hebt.
Labneh is niet moeilijk te maken. Het kost vooral geduld, want het meeste werk zit in het wachten terwijl de yoghurt uitlekt. Het resultaat werkt net zo goed zoet als hartig, en past zich makkelijk aan wat er verder op tafel staat. Wie eenmaal zelf labneh heeft gemaakt, gaat waarschijnlijk niet snel meer terug naar de kant en klare versie uit de supermarkt.
Een simpel gerecht waarin labneh de hoofdrol speelt.
Ingrediënten (voor 2 personen)
Bereiding